Ons onderwijs

Basisschool St. Theresia

Ons onderwijs

Natuurlijk doen wij er op basisschool St. Theresia alles aan om uw kind het best mogelijke onderwijs te geven. Hier leest u hoe wij op onze unieke wijze handen en voeten geven aan deze doelstelling.

Sint Theresia, de naam is ontleend aan Theresia van Lisieux, een Franse heilige. Zij leefde van 1873 tot 1897 en was lid van de kloosterorde Karmelietessen te Lisieux. Zij werd in 1925 heiligverklaard en in 1927 patrones van de missie. Op 1 mei 1933 werd de school in gebruik genomen.


Klik hier voor de schoolposter.


Op de St. Theresia wordt gewerkt met een combinatiegroep 1/2. Wij vinden de zorg voor het jonge kind heel belangrijk. In de eerste jaren wordt de basis gevormd voor een succesvolle schoolcarrière. In de dagelijkse praktijk blijkt dat de ontwikkeling van leerlingen niet gelijkmatig is, maar vaak sprongsgewijs verloopt. Na een volgend stapje in de ontwikkeling volgt een stabilisering fase. Sommige leerlingen ontwikkelen zich niet conform de beschreven ontwikkelingsfasen. Sommigen slaan fasen of delen van fasen over zonder gevolgen. Bij anderen is het niet “uit ontwikkelen” van fasen wel van grote invloed op het vervolg. Ze bouwen geen stevige basis op met alle gevolgen van dien.

De betrokkenheid van de leerlingen bij hun werk is voor de leerkracht een belangrijk richtsnoer voor zijn/haar handelen. Door de leerlingen emotioneel vrij te laten worden, hun zelfvertrouwen te bevorderen en nieuwsgierig te maken, wordt de basis gelegd om tot leren te komen.

Wij werken in de groep 1/2 aan de hand van thema’s uit de methodes Schatkist en Onderbouwd. Wij gaan bij de thema’s uit van de belevingswereld van het kind. In de herfst werken wij over de herfst. Zo ook met Sinterklaas, kerstmis, vaderdag, moederdag, Kinderboekenweek enzovoort.

Wij gebruiken de methodes Schatkist en Onderbouwd voor de vakgebieden taal, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling. Daarnaast gebruiken wij ook de methode De Wereld in Getallen 5 voor het vakgebied rekenen.

In de groepen wordt het dagprogramma aangegeven door middel van dagritmekaartjes. De leerlingen kunnen op deze manier goed overzien wat er die dag allemaal gaat gebeuren.

Kleuters leren al doende tijdens hun spel. Wij spelen daarop in door te zorgen voor leerzaam materiaal. Wij praten veel met de leerlingen over allerlei onderwerpen, zodat ze veel woorden leren en goed leren spreken. Dat is erg belangrijk voor het latere lees- en taalonderwijs.

Iedere dag wordt er aandacht besteedt aan de woordenschat. Wij maken naast de taalactiviteiten ook gebruik van de methode LOGO 3000. Met behulp van praatplaten, woordwebben en een woordkalender proberen wij de woordenschat van de leerlingen te vergroten.

Naast de taalontwikkeling komt elke dag het werken met ontwikkelingsmateriaal aan bod. Wij hebben op school daar verschillende materialen voor.

Binnen het dagprogramma is ruimte voor zowel leerkracht gebonden als zelfstandige lessen. Wij zorgen ervoor dat de leerlingen zoveel mogelijk op eigen niveau en tempo kunnen werken.


De St. Theresia is een school met drie combinatiegroepen namelijk groep 1/2, groep 3/4/5 en groep 6/7/8. Het specifieke aanbod aan groep 1/2 kunt u lezen bij ‘Onderwijs voor het jonge kind’.

‘EDI-model’
In de instructie werken wij volgens het ‘EDI-model’. EDI staat voor Effectieve Directe Instructie. Kortgezegd is het werken met het ‘EDI-model’ gebaseerd op een kernachtige, effectieve wijze van lesgeven, waarbij leerlingen een actieve rol en bijdrage hebben.

Samen spelen en samen werken
Waar kan en mogelijk proberen wij de vakken groep doorbrekend aan te bieden. Leerlingen van groep 8 lezen elke week voor aan de leerlingen van groep 1/2. De leerlingen van groep 3 spelen en leren op maandag-, dinsdag en donderdagmiddag samen met de leerlingen van groep 1/2. Ze hebben dan gezamenlijk muziekles, gymnastiek, verkeer en creatieve vakken.

Op vrijdagmiddag hebben de leerlingen van groep 5/6 samen wereldoriëntatie  en handvaardigheid. Dit geldt ook voor de leerlingen van groep 7/8. Door bovenstaande werkwijze kunnen wij de leerlingen nog meer instructie geven op niveau.

Daarnaast kunnen de leerlingen van groep 3 t/m 8 samen verwerken op het leerplein. Op het leerplein is ook een onderwijsassistent aanwezig die de leerlingen kan begeleiden.

Door samen te werken en te spelen kunnen leerlingen elkaar helpen, hulp vragen en hulp geven. Bovendien komen ze op deze manier ook met leerlingen uit andere leerjaren in contact.

Zelfstandigheid
Voor leerlingen is het ook heel belangrijk om zelfstandig te leren werken naar eigen keuze, tempo en verantwoordelijkheid. Wij willen de leerlingen dan ook stapsgewijs leren een taak zelfstandig te verwerken. Een aantal keren per week werken de leerlingen met behulp van een takenkaart zelfstandig aan hun taak. Een taak is een opdracht voor een bepaald vak die binnen een van tevoren afgesproken tijd zelfstandig of met de hulp van een ander moet zijn gemaakt. Naarmate de leerlingen ouder worden, nemen het aantal vakken en opdrachten alsmede de tijd waarin er aan gewerkt moet worden steeds meer toe.

Activiteiten in groep 3/4
In de groepen 3 t/m 8 werken wij anders dan in groep 1/2. Leerlingen van nagenoeg dezelfde leeftijd zitten in groepen bij elkaar en de verschillende leer- en vormingsgebieden worden, meer dan in de kleutergroepen, gescheiden gepresenteerd, zonder de samenhang uit het oog te verliezen. Wij zien dat het ‘ontwikkelen’ van kleuters overgaat in ‘leren’. Wij houden in alle groepen steeds rekening met het ontwikkelingsniveau van de leerlingen en ze krijgen waar nodig individuele aandacht. Leerlingen kunnen dus, als er voldoende redenen zijn, versnellen in de leerstof, zich verdiepen of leerstof wordt compact gemaakt, waardoor er ruimte is voor andere ontplooiingskansen. Afhankelijk van de groep is bovenstaande een voor ons ideale situatie waar wij naar streven. Het spreekt vanzelf dat er ook aandacht is voor leerlingen die een andere soort hulp nodig hebben.

De leerkrachten in groep 3 gaan door op wat de leerlingen in de groepen 1 en 2 geleerd hebben. In het bijzonder waar het gaat om het leren rekenen, lezen en schrijven. De begrippen die hier geleerd zijn, worden in groep 3 verder met de leerlingen behandeld. Met name in het begin van groep 3 is ook het getalbegrip erg belangrijk. Als dat op allerlei manieren duidelijk is, kan een begin gemaakt worden met rekenen. Het getalbegrip wordt uitgebouwd in groep 4. Leerlingen moeten vooral inzicht krijgen in hoeveelheden. Ze moeten begrijpen wat getallen betekenen en wat ze inhouden. Het optellen en aftrekken wordt verder uitgebreid; evenals het aanleren van de schrijfwijze van getallen. Met de tafels van vermenigvuldiging wordt begonnen en de getallen worden groter.

Zo gaat het ook met het aanvankelijk lezen: leerlingen moeten leren om ‘tekeningetjes’ om te zetten in letters die een klank hebben en door het samenvoegen van letters (klanken) woorden te leren lezen. Je leert de leerlingen dus dat een tekening van twee rondjes ‘oo’ heet en dat een rondje met een stokje een ‘p’ kan zijn. Daarna komt pas het leren lezen. In de vorm van hele woorden, daarna korte zinnen en uiteindelijk verhalen. Vervolgens wat het betekent wat je leest, het ‘begrijpend lezen’.

Het proces van aanvankelijk lezen wordt in groep 4 voortgezet. De zinsbouw en woorden worden iets moeilijker. Ook het tempo gaat omhoog. Het accent komt steeds meer te liggen op weten en begrijpen wat er gelezen wordt.

Maar natuurlijk is er meer. Er wordt een begin gemaakt met de wereld oriënterende vakken. Leerlingen kunnen begrijpen wat ze lezen en zich dus wat gemakkelijker dingen eigen maken. In deze leerjaren worden de motorische vaardigheden uitgebouwd tot ‘schrijven’. De creatieve vakken krijgen eveneens aandacht.

Activiteiten in leerjaar 5 t/m 8
Nadat het proces van aanvankelijk lezen, rekenen en schrijven in de voorgaande jaren is afgerond, kunnen de leerlingen de opgedane kennis en ervaringen verder gaan uitbouwen. Leerlingen kunnen dan nog meer dan in de jaren daarvoor zelfstandig leerstof tot zich nemen. Onze leerkrachten houden hier natuurlijk rekening mee. Het sociaal emotionele aspect krijgt in deze groepen eveneens grote aandacht, immers respect voor iedereen, verantwoordelijkheidsgevoel voor zichzelf en anderen zijn thema’s die hoog in ons vaandel staan. Wij streven naar een zo breed mogelijke basis van vaardigheden voor onze leerlingen, zodat zij een goede aansluiting krijgen met het voortgezet onderwijs.


Wij streven naar optimale opbrengsten op de gebieden taal, rekenen, begrijpend lezen, informatieverwerking en sociaal emotionele ontwikkeling. Wij vinden het van belang dat leerlingen presteren naar hun mogelijkheden en dat ze opbrengsten realiseren die leiden tot passend en succesvol vervolgonderwijs en uiteindelijk een mooie bijdrage aan onze maatschappij.

Het team beoordeelt de opbrengsten van het Cito-leerlingvolgsysteem, ZIEN en de IEP-Eindtoets en stelt deze centraal in de groeps- en leerlingbesprekingen en de tweejaarlijkse databespreking. Op basis van de uitslagen en op basis van de uitslagen en analyses worden verbeterpunten doorgevoerd. Wij zorgen voor een zorgvuldige verslaglegging van de opbrengsten, de analyses en de vormgeving van ons aanbod.

Om de leerprestaties en ontwikkelingen van de leerlingen goed te kunnen volgen, nemen wij onder andere methode gebonden en niet-methode gebonden (CITO) toetsen af. Bij methode gebonden toetsen wordt gemeten of de lesstof die in de voorgaande periode aangeboden is, voldoende beheerst wordt. Bij Cito-toetsen meten wij leervorderingen over een langere periode. Met deze genormeerde toets gegevens maken wij ook een vergelijking met landelijke resultaten. Tweemaal per jaar gebruiken wij de resultaten bij de groeps- en leerlingbespreking met de intern begeleider en bij de voortgangsgesprekken met de ouders/verzorgers.

Tweemaal per schooljaar worden deze resultaten ook op schoolniveau geanalyseerd en besproken. Op deze wijze kunnen wij gezamenlijk zorg dragen voor de ontwikkeling van de leerlingen en daar waar nodig ons lesaanbod en/of methoden aanpassen.

De uitstroomgegevens van de laatste schooljaren zijn:

School
jaar
Aantal lln. IEP-score PRO VMBO Basis VMBO/Kader VMBO
Kader/
TL
VMBO TL VMBO TL/
HAVO
HAVO/ HAVO/ VWO VWO/
2019-2020 6 1 0 2 1 0 1 0 1 0
2018-2019
2017-2018 6 82,7 0 0 1 1 1 1 0 1 1

Hiermee voldoen wij ruim aan de normen die de inspectie aan de school stelt.

* In het schooljaar 2018-2019 was er geen groep 8.In het schooljaar 2019-2020 is de Iep-Eindtoets niet afgenomen in verband met COVID-19 virus.


Wij zijn een KiVa school en daar zijn wij trots op! Al onze leerkrachten geven wekelijks KiVa lessen aan de leerlingen. Maar wat is KiVa nu eigenlijk?

KiVa is een preventief, schoolbreed programma gericht op het versterken van de sociale veiligheid en het tegengaan van pesten op basisscholen. KiVa zet in op positieve groepsvorming en stimuleert de sociale vaardigheden en de sociaal emotionele ontwikkeling van leerlingen. Daarmee worden de sociale veiligheid en het pedagogisch klimaat op school gewaarborgd. KiVa verhoogt het welbevinden van leerlingen, waardoor de leeropbrengsten en prestaties van de leerlingen verhoogd worden.

Binnen KiVa ligt de nadruk op de groep als geheel en dus niet op specifieke individuen. Ons motto luidt dan ook:

Samen maken wij er een fijne school van!’

 


Naast het geven van de lessen is de St. Theresia zich ook bewust van de moderne wereld waarin ICT een belangrijk rol speelt. De school heeft nu 35 Chromebooks en 5 iPads ter beschikking.

De Chromebooks worden vanaf groep 4 ingezet voor de instructie en de digitale verwerking van onze rekenmethode (Wereld in Getallen 5), bij wereldoriëntatie en voor het inoefenen van bepaalde didactische (lerende) vaardigheden. De leerlingen krijgen ook les in mediawijsheid. Op deze manier krijgen de Chromebooks steeds meer een plek binnen ons onderwijs.


Op de St. Theresia werken wij handelings- en opbrengstgericht. Handelingsgericht werken is een systematische manier van werken, waarbij het onderwijsaanbod wordt afgestemd op de basis- en onderwijsbehoeften van ieder kind. Deze behoeften formuleren wij door aan te geven wat een kind nodig heeft om een bepaald doel te kunnen bereiken. De centrale vraag is: welke benadering, aanpak, ondersteuning, instructie etc. heeft het kind nodig? Wij richten ons niet zozeer op wat er mis is met een leerling, maar meer op wat hij of zij nodig heeft om bepaalde doelen (opbrengsten) te bereiken en welke aanpak een positief effect heeft.

Op die manier wordt ook opbrengstgericht gewerkt: wij proberen de prestaties te maximaliseren. Opbrengstgericht werken is een bewuste, systematische en cyclische werkwijze waarbij gestreefd wordt naar optimale opbrengsten. Goed onderwijs bieden vinden wij belangrijk, waarbij wij toets gegevens niet zien als een vaststaand feit waar wij geen invloed op hebben, maar als uitkomst van de kwaliteit van ons gegeven onderwijs.

Wij proberen zoveel mogelijk rekening te houden met de onderwijsbehoeften van de leerlingen in de instructie (uitleg) en verwerking. Wij werken, wanneer mogelijk, met drie instructieniveaus. Voor de leerlingen die de stof vlot en goed begrijpen is een verkorte instructie vaak voldoende, daarna kunnen zij aan de slag. Dan volgt de groepsinstructie aan de basisgroep. Aansluitend is de verlengde instructie aan de instructietafel, deze is bijvoorbeeld bedoeld voor de leerlingen die het vak moeilijk vinden. Leerlingen die meer uitdaging nodig hebben krijgen instructie op uitdagende lesstof.

De instructiebehoefte van de leerlingen beschrijven wij in de individuele overzichten. Deze individuele overzichten maken wij twee keer per schooljaar. Tijdens deze periode zijn er enkele tussenevaluaties. Na deze periode is er een evaluatie om te kijken of de gestelde doelen zijn behaald en of de aanpak aangepast moet worden. Deze evaluatie vindt plaats in een groepsbespreking met de intern begeleider (IB’er) en tijdens de datebesprekingen met het hele team.